Een totale knieprothese (TKP) is aangewezen bij ernstige en pijnlijke artrose van de knie die conservatief is uitbehandeld (medicatie, infiltratie, kinesitherapie). Alle protheses kunnen geplaatst worden met een anti metaalallergie coating.
Preoperatieve diagnose
Verschillende soorten van beeldvorming zijn mogelijk (röntgen, artro CT-scan, MRI). Voor de ingreep zelf is een staande foto van beide knieën belangrijk met as- en hoekbepalingen (CPAK opnames). Dit in functie van de kinematical alignment procedure die gepland wordt in de meerderheid van de gevallen.
Lees meer over CPAK
De CPAK-classificatie helpt om het natuurlijke uitlijningspatroon van het been beter te begrijpen voor een gepersonaliseerde aanpak.
Meer over CPAK opnames →Preoperatieve voorbereiding
- Eventueel wordt preconditioning opgestart of een intakebehandeling bij de kinesist om de operatie fysiek voor te bereiden.
- Het preoperatief onderzoek bestaat uit een klinisch onderzoek, labo en EKG bij de huisarts of specialist (eerder bij risicopatiënten).
- De patiënt dient zes uur voor de ingreep nuchter te zijn en mag met een slok water zijn thuismedicatie nog innemen.
- De vragenlijst die meestal per email door de preoperatieve consultatiedienst van het ziekenfonds wordt verzonden, dient tijdig ingevuld teruggestuurd te worden.
- Het informed consent document wordt bij het bepalen van de operatiedatum ingevoerd door de chirurg in het digitaal dossier.
Belangrijk: Op dat moment wordt ook steeds duidelijk meegedeeld door de patiënt of er al of niet bloedverdunners en welke ingenomen worden. Deze moeten tijdig stopgezet worden voor de ingreep.
De operatie
Verdoving
De ingreep gebeurt bij voorkeur onder rachi-anesthesie (een prik in de rug), tenzij er een medische contra-indicatie is. Daarnaast geeft de anesthesist steeds onder echogeleiding een verdovende prik in een belangrijke gevoelszenuw halverwege de dij (adductor kanaalblok). Tijdens de ingreep wordt de knie verder lokaal verdoofd (LIA) door de chirurg.
Voordelen van deze verdovingstechniek
- Minder pijn tijdens en na de operatie
- Slechts uitzonderlijk is morfine-achtige pijnstilling nodig
- Minder kans op misselijkheid en ziek voelen bij het wakker worden
Geen tourniquet
Tijdens de ingreep wordt er ook geen garrot of tourniquet gebruikt om het been bloedloos te maken. De grootste voordelen hiervan zijn dat de weefsels niet in zuurstofnood komen tijdens de ingreep en dat er ook geen kans is op zenuwschade door rechtstreekse druk.
Na de operatie
De revalidatie na een totale knieprothese duurt gemiddeld 6 weken tot 3 maanden. Voor gedetailleerde informatie over het revalidatieprotocol, oefeningen en terugkeer naar activiteiten, zie onze revalidatiepagina.
Risico's van knieprothesechirurgie
De risico's zijn beperkt tot heel laag:
- Infectie
- Trombose
- Verstijving